Vorige week verscheen er geen geweldig interessant weekoverzicht. De superlatieven waren afwezig, de remonte gecounterd. Er was boosheid, verstomming en ongeloof. Vooral veel ongeloof. Zelf verkoos ik, daar beneden, even ter plaatse te trappelen. Te schuilen en te wachten. Op een storm die maar niet voorbij wou trekken. De mentale klik kwam deze week als bliksem uit de lucht gevallen. Soms is het beter om vooruit te kijken in plaats van constant in het verleden te blijven graaien.
De flashback als stijlfiguur voorspelt continuïteit en voorspelbaarheid. Bij wijze van experiment zal ik er deze week van afwijken. In plaats daarvan hanteer ik de wispelturigheid van de flashforward. Een riskante operatie niet geheel zonder gevaren. De kans bestaat immers dat de geplande gebeurtenissen niet overeenstemmen met de eigenlijke agenda van het moment (als) dat zich aandient. Een risico dat ik, hetzij voor een keer, onderschrijf.
Op donderdag zal het (tijdelijke) ontslag ingediend worden. De reden is tweevoudig: er moet enerzijds wat voorbereidingstijd gescoord worden voor een vergelijkend examen annex selectieproef op dinsdag, en anderzijds vertrekt mijn vliegtuig naar Madrid op woensdag. In tegenstelling tot het laatste was dat eerste trouwens minder gepland. Met als voornaamste gevolg dat ik een dag onder de Spaanse zon moet inleveren. Omdat daar beter niet over nagedacht wordt, eindigt mijn werkdag op donderdag om 15h00. Na het werk verplaats ik me nog snel naar de Bozar om de ‘It’s Not Only Rock’n’Roll, Baby’-tentoonstelling mee te pikken.
Vrijdag is een formaliteit. Ik probeer mezelf een dienst te bewijzen door vol te houden dat ik het studeren nog niet verleerd ben. Because that’s only rock’n’roll, baby. Passeren de revue: grondwettelijk-, administratief-, en sociaal recht. De micro- en macro-economie hou ik voor zondag en maandag. Onder het motto niet plooien kom ik trouwens enkel maar buiten om wat spullen te gaan kopen in A.S. Adventure. De relevantie hiervan spreekt voor zich. Minder relevant is het blokken op zaterdag, maar een verjaardagsfeestje moet voor de nodige verstrooiing zorgen.
De conclusie op zondag zal navenant – volledig rock’n’roll – zijn: nooit overdrijven met verstrooiing. Dergelijke situaties dreigen immers altijd op een point of no return te stranden waarbij je weet dat er meer inzat, maar het er niet uitkwam. Een beetje zoals Belgische sporters op de Olympische Spelen, quoi. Hoewel het uitblijven van dergelijke prestaties uiteraard veel meer te maken heeft met een versnipperd sportbeleid en een nitwit van een sportminister, meer dan met een gebrek aan motivatie. Bon, ik wijk af.
Maandag voltrekt zich op dezelfde studentikoze wijze als de vorige drie dagen, maar met wat extra druk. Heel wat extra druk. Tegen de vroege avond begin ik te twijfelen aan mezelf en dat zal zo blijven tot dinsdagmiddag. Tot op het moment dat ik in het examenlokaal zit, met pen en papier, alles neerschrijvend wat ik (nog) weet. Wanneer er ingediend wordt, bevind ik me in vakantiesfeer.
Aftellen.
Naar woensdag die overigens volledig in het teken staat van tanktops, korte broeken en een zonnebril. Terwijl de meeste onder jullie koffie aan het zetten zijn op het werk, zit ik op het vliegtuig richting Madrid. En hoewel er de laatste twee weken meer vliegtuigen uit de lucht gevallen zijn dan in de vorige jaren, sluit ik de ogen en neurie mee: ‘sun in the amazon with the voltage running through her skin. Standing there with nothing on, she gonna teach me how to swim’ (*). Indien die zij een hij zou zijn, laat ik me prompt naturaliseren en open ergens in Andalusië een tapasbar met de Spaanse hunk van mijn dromen. Zoniet, tot over drie weken.
Good luck en bon voyage!